Een beladen woord
Niet altijd makkelijk
Vergeving is altijd een beetje een beladen woord. Er hangt een spanning omheen, een uitwisseling tussen partijen en een geven en nemen. En dan is er natuurlijk ook de religieuze connotatie. Jezus aan het kruis: ‘Heer vergeef hen, want ze weten niet wat ze doen.’ Vergeving en schuld, daar hangt ook iets voorwaardelijks rondom. Is er wel voldoende boete gedaan? Nee, dit is allemaal nog niet zo makkelijk en vergeven is dan ook makkelijker gezegd dan gedaan.
De lat wordt hoog gelegd
Bisschop Tutu legt de lat hoog wanneer hij stelt dat iedereen wat ze ook gedaan hebben vergeven kan worden. Als zwarte Zuid-Afrikaan kan hij het weten en zijn weg in vier-stappen is heel verhelderend. In het boeddhisme is iedereen sowieso al vergeven, want in de natuur zijn wij allen liefdevol, zuiver, en vrij. Deze fundamenteel goede natuur wordt echter bedekt door onwetendheid, hetgeen aan de basis staat van karma; de wet van oorzaak en gevolg waarbij iedereen vroeg of laat oogst wat hij of zij gezaaid heeft. Door de onwetendheid weten niet wat wij een ander en daarmee uiteindelijk ook onszelf aandoen. Het spanningsveld is dat vergeven - omdat iemand in de natuur goed is, maar uit onwetendheid slecht gedrag vertoont - zeker geen goedpraten van de daden is. Confessie dient om de geest te zuiveren van ballast en verwarring.
Confessie
Laat ik maar beginnen met op te biechten dat ik zelf ook soms moeite heb met vergeven. Hoewel ik ervan overtuigd ben dat het koesteren van een wrok niet goed voor je is en je daarmee macht geeft aan degene tegen wie je iets hebt, voelt het vergeven en het loslaten van die wrok toch niet altijd als iets dat het juiste aanvoelt. Zie hier wellicht mijn onwetendheid, partijdigheid of beperkte visie. Ik merk dat als ik de daders zou vergeven voor wat ze de mensen in Gaza aandoen, het voelt alsof ik de slachtoffers in de steek laat. Het doet me zien dat een gedeelde wrok mensen samenbrengt en onderdeel wordt van hun vermeende identiteit. Het vraagt extra stappen om te zien dat de daders ook zelf slachtoffer zijn van hun eigen verwarring.
Geen monsters
Het onrecht dat de machtigen de machtelozen aandoen, onmenselijk gedrag tegenover mensen, is misschien wel het moeilijkste te vergeven wat er is. Mensen die zich monsterlijk gedragen noemen we vaak monsters. Dat schept een afstand, alsof we ons niet met hen hoeven te identificeren. Wij zijn immers geen monsters. Nee, wij zijn mensen en scharen onszelf dan graag aan de kant van het goede tegenover het kwade. Op die momenten zeg ik altijd dat ik moet oppassen. Het gaat hier immers niet over monsters, maar mensen en niets menselijks of moet ik eigenlijk zeggen onmenselijks is ons vreemd.
Schrikken van mijn gedachten
Zo kan tijdens het kijken naar het journaal de gedachte in mijn hoofd opkomen: ‘Ze zouden een bom op hem moeten laten vallen’. Boosheid en onmacht gaan door me heen bij het zien van de schaamteloze stupiditeit en zelfzucht van zekere politieke leiders. Misschien verbaast het je dat ik zoiets kan denken en ik kan er zelf van schrikken. Onmiddellijk komt er dan ook een gevoel van schaamte over mijn gedachte in me op, maar ben ik wel verantwoordelijk voor mijn gedachten? Moet ik die perse toe-eigenen als zijnde van mij? Nee, dat niet, maar ik ben wel verantwoordelijk voor hoe ik er mee omga en ook voor mijn gedrag, Er komt dan wel vergeving voor mijzelf en mijn gewelddadige gedachte in me op, maar niet onmiddellijk voor die man en wat hij aanricht met zijn leugens en neurotische gedrag.
Compassie
Daar zit ik dan met mijn vijfenveertig jaar boeddhisme en een weekend gepland in Huissen over ‘de weg van vergeving’. Vergeven in deze grote zaken die zoveel andere mensen veel meer dan mijzelf aangaan kan voor mij bijna als onnatuurlijk aanvoelen en de vraag oproepen: ‘Wie ben ik om hier te vergeven?’ Toch komt er wel een natuurlijk gevoel van compassie op: 'Arme, bange verwarde man' en ‘Arme mensen, wat doen we elkaar en ook onszelf toch aan?’ Zoals zo vaak vind ik door compassie weer een pad, een weg, een opening om verder te kunnen gaan.
Kracht van een gebroken hart
Zo breekt mijn hart. Daar bloedt iets en in dat bloeden is er iets wat we delen en dat me verbonden doet voelen. De kwetsbaarheid, de gedeelde onmacht of het onvermogen. Ons kleine proberen om groot te zijn. De moed van mensen zonder naam in de krant. Het grote leed van onbekenden, de dappere draagkracht van gewone mensen van alle streken en alle tijden die enkel gewoon in vrede willen leven. De gedeelde rode draad daarin van het verlangen naar vrede en geluk en het willen vermijden van ongemak en pijn. Als we dan kijken naar ons eigen leven zijn er zoveel situaties waarin we een welhaast onmerkbare wrok koesteren naar deze of gene en daar zelf onder lijden zonder dat we dit zelf altijd zien. In al die kleine situaties van ons eigen leven, daar valt veel te vergeven, bagage los te laten, ons te bevrijden van wat we onnodig meetorsen. Hier kunnen we aan werken en onszelf van bevrijden. We hoeven daarvoor geen heiligen of goddelijke wezens te worden, maar kunnen algemene menselijkheid in onszelf en anderen herkennen en zo verzoening en acceptatie vinden, zodat wat geweest is, ook is geweest.
Voetje voor voetje
Zo kunnen we stappen maken. Kleine stappen met grote impact. We kunnen beginnen met compassie voor onszelf ontwikkelen en onszelf vergeven. De pijn onder ogen leren te zien. We kunnen onderzoeken waar we een wrok koesteren en wat dat met ons doet. We kunnen leren zien hoe de verhalen en de emoties elkaar versterken. Van daaruit kunnen we ook de verdiensten van het loslaten leren begrijpen. Door niet te blijven hangen in wat ons is aangedaan krijgen we de regie over ons leven terug. Of je nu vergeving zelf moet geven of aan een ander vragen, uiteindelijk wil je toch vooral met jezelf in het reine komen. Het gaat stap voor stap. Het is niet zwart of wit, maar door te vertrouwen op je intentie in een bedding van compassie en begrip komt uiteindelijk de ruimte om jezelf en je relaties te vernieuwen steeds meer open te liggen. Zo wordt een hele lading ballast weggenomen en dat is zo bevrijdend.